Troostende woorden

Als de profeet Zacharia een visioen van God ontvangt, begint een engel hem uit te leggen wat hij ziet. Het heeft te maken met de enorme moeilijkheden waarin het volk Israël zich op dat moment bevindt. Direct daarna wordt er een vraag aan God gesteld: “Heer, waarom doet U er niets aan?”

Waar blijft God nou?

Het is de engel van de Heer, die namens de profeet Zacharia die vraag stelt. De vraag weerspiegelt de angst, misschien wel de wanhoop, die er is in het hart van het volk Israël en bij de profeet van God. Het is zo’n 400 jaar voor Christus. De moeilijkheden van Gods volk zijn groot. Ze zijn weliswaar teruggekeerd in hun eigen land na 70 jaar ballingschap, maar het lukt niet erg om de verwoeste steden te herbouwen. De vijanden blijven dreigend aanwezig. En van onderlinge verbondenheid en solidariteit is ook nauwelijks sprake. En waar is nu de God die met hun vaderen een verbond sloot en hen leidde?

Het is niet moeilijk om je eigen onzekerheid en angst te herkennen in het verhaal van dit volk. Ja, de oorzaak van hun omstandigheden was nog wel te begrijpen. De opstelling van hun voorouders, die God verlieten, had geleid tot de ballingschap. Maar mannen als Daniël, Ezra en Nehemia en anderen waren door hun voorbeeld en gebeden een inspiratiebron voor anderen en velen waren teruggekeerd naar het eigen land. Daar leken alleen maar problemen te zijn. God leek spoorloos verdwenen.

Zeg het maar

Een engel van de Heer roept de woorden tot God, die Zacharia en anderen waarschijnlijk wel denken, maar niet durven uitspreken. Zoals wij ook wel eens doen. We vragen ons bij onszelf af: “Waar is God nu?”, maar vragen niet aan God: “Waar bent U nu?” Bang dat we opstandig lijken – wat we natuurlijk soms wel zijn. Er moest een engel aan te pas komen om Zacharia te leren, waar hij met z’n vragen, z’n twijfel, z’n angst, z’n opstandigheid, z’n ongeloof heen moest gaan.

Wat een liefderijk antwoord komt er op die angstige vraag: “Brandend van liefde neem ik het voor u op”! Zoals God zijn volk Israël met een eeuwige liefde omringt, zo wordt van de nieuwtestamentische gemeente gezegd, dat Christus haar liefheeft. Zijn liefde was zo diep en intens, dat Hij Zich voor zijn kerk heeft overgegeven.

Wat is troost?

De troostrijke woorden betekenen duidelijk niet, dat God de zijnen bewaart voor het lijden dat er is sinds de zonde haar intrede in de wereld deed. Daarvan hebben we allemaal ons deel te dragen – we kunnen te maken krijgen met ziekte, oorlog, armoede, verlies van werk of partner. Het zijn ook geen goedkope kreet: “Kop op, joh, je komt er wel door heen”. De troost is erin gelegen, dat de Onzienlijke in alle omstandigheden erbij is. Hij, die het niet kan verdragen dat we te lang en te zwaar zouden lijden. Als het er het meest op lijkt dat God ons verlaat, brandt zijn hart van liefde. Hij vergeet ons niet!

Gods liefde geldt voor de kerk in haar geheel, maar is natuurlijk van toepassing voor ieder individueel lid. Ben je soms bang, dat de Heer je niet meer ziet staan? Nou, vergeet dat maar: Hij Die de sterren telt en ze alle bij name roept, loopt niet het gevaar één van zijn eigen kinderen te vergeten. Hij is trouw tot in eeuwigheid. En Hij kent je zo goed! Alsof je het enige schepsel bent dat Hij gemaakt heeft. Hij kent je gedachten, je gevoel – en Hij blijft dicht bij je, hoe je je ook voelt. Wend je tot Hem met je vragen en twijfels. Hij wil antwoorden met troostrijke woorden: “Ik ben erbij!”

12Heer van de hemelse machten, hoe lang zal het nog duren voor U erbarmen toont met Jeruzalem en de steden van Juda ….?’….
13Daarop antwoordde de Heer …. met troostende en bemoedigende woorden. 14…. “Brandend van liefde neem Ik het op voor Jeruzalem en Sion..”

Zacharia 1:12-14

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.