Symbolen van de Heilige Geest

Wind of adem

De woorden die de bijbel gebruikt voor de Geest van God, kunnen, zowel in het Hebreeuws als in het Grieks ook vertaald worden als “wind” of “adem”.
Bij de schepping blaast God de levensadem in de neus van de eerste mens, zodat hij een levende ziel, een levend wezen wordt. Later in de Bijbel groeit het besef, dat de mens meer nodig heeft dan “levensadem”. We hebben de Geest van het leven nodig.

Ezechiël ziet in een visioen het volk Israël. Het wordt uitgebeeld door een dal vol doodsbeenderen. Paulus spreekt op gelijke wijze over alle mensen: dood door hun misstappen en zonden. Ezechiël profeteert en zegt: Kom, o geest, en blaas in deze gedoden, zodat zij herleven. Hierop sluiten de woorden van Jezus aan in zijn gesprek met Nicodemus over de wedergeboorte: De wind waait waarheen hij wil; je hoort zijn geluid, maar je weet niet waar hij vandaan komt en waar hij heen gaat. Zo is het ook met iedereen die uit de Geest geboren is.

Ook het Nieuwe Testament gebruikt wind of adem beeldspraak om de Heilige Geest aan te duiden. Jezus zendt zijn discipelen uit door op hen te blazen, zeggend: Ontvang de Heilige Geest. Op de Pinksterdag van Handelingen 2 ging de uitstorting van de Heilige Geest gepaard met het geluid van een windvlaag.

Dit symbool laat zien dat de Heilige Geest leven brengt; het leven van God in een wereld waarin duisternis en dood heersen. We zien hem niet en kunnen hem niet beïnvloeden, maar merken zijn aanwezigheid op omdat Hij een krachtige uitwerking heeft op de levens van mensen.

Duif

Toen Jezus door Johannes in de Jordaan gedoopt werd, daalde de Heilige Geest in de gedaante van een duif op Jezus neer.
Veel bijbelonderzoekers zien ook in de duif van Noach een beeld van de Heilige Geest. De zondvloed was Gods oordeel over een zondige wereld. Er was maar één plaats die veiligheid bood: de ark. Zoals de duif uit de ark werd losgelaten toen het oordeel (nagenoeg) voorbij was, zo is de Geest uitgezonden nadat op Golgotha het oordeel over de zonde is geveld. In een wereld waarin een raaf zich al snel thuis voelde, vond de duif geen plek om te rusten. Maar toen hij voor de tweede keer de ark verliet, kwam hij terug met een olijftak, beeld van de vruchtbaarheid na het oordeel.

Een duif staat symbool voor reinheid, zachtheid en tederheid. En met een vers takje in de snavel is hij het symbool voor de vrede geworden. Dit symbool toont ons de Heilige Geest die geestelijke vrucht voortbrengt in de levens van de gelovigen: liefde, vreugde en vrede, geduld, vriendelijkheid en goedheid, geloof, zachtmoedigheid en zelfbeheersing (Galaten 5:22).

Olie

In het Nieuwe Testament is een aantal keren sprake van de zalving met de Heilige Geest.. Het wordt met een woord van Jesaja  gezegd van Jezus. Deze zalving was blijkbaar de bron  van zijn kracht.

In het Oude Testament werden profeten priesters en koningen gezalfd, alsmede alle voorwerpen in de tabernakel en tempel. Ze werden zo “geheiligd” – afgezonderd voor de dienst van God. Van de gelovigen in het Nieuwe Testament wordt gezegd, dat ze gezalfd worden. Dat zegt iets over onze positie – we zijn geroepen om

  • als “profeten” te getuigen van Jezus te zijn
  • als “priesters” God te aanbidden en om mensen bij God te brengen
  • in de toekomst met Christus als koningen te heersen.

De Heilige Geest werkt heiligend in de levens van gelovigen. Dat betekent zowel dat we “apart gezet” worden, om aan God toegewijd te leven, als ook dat door de Heilige Geest heiligheid een kenmerk van ons leven wordt.

Water

Water wordt enkele keren in de Bijbel gebruikt als een symbool van de Heilige Geest. Bij monde van Jesaja zegt God tot zijn volk: Ik zal water uitgieten op dorstige grond, waterstromen over het droge land. Ik zal mijn geest uitgieten over je nazaten en mijn zegen over je telgen (Jesaja 44:3).
Jezus gebruikte dit beeld om duidelijk te maken, hoe Hij het leven van degenen die in Hem geloven, zal vernieuwen.
Maar ook om aan te geven, dat wie in geloof leeft, zelf wordt als een bron die een verkwikkende invloed op z’n omgeving heeft.

Zegel en onderpand

Tot slot vergelijkt Paulus de Heilige Geest met een zegel en onderpand .
In Israël was een zegel een eigendomsbewijs. Een teken dat er een overeenkomst tot stand gekomen was. Wij die de Geest ontvangen hebben (op het moment dat we tot geloof kwamen), zijn verzegeld met de Heilige Geest, voor altijd het eigendom van Christus.
Tegelijk is de Heilige Geest ook een onderpand: een eerste aanbetaling, de garantie dat wat ons beloofd is, eens ten volle ons deel zal zijn.