De tweestrijd van Pilatus

“Ik ben onschuldig aan de dood van deze man. Ik heb niets in deze man gevonden wat een terdoodveroordeling zou rechtvaardigen. De joodse leiders moeten hun eigen zaakjes maar afhandelen. Ik was mijn handen in onschuld. Trouwens, ik ben inmiddels wel een beetje klaar met al die onrust. Houd mij erbuiten alsjeblieft.”

De nogal onbuigzame Pontius Pilatus, Romeins prefect van Judea, de belangrijkste provincie van het toenmalige Palestina, is in verwarring. Terwijl hij altijd met harde hand in zijn provincie elke mogelijke opstand neersloeg en elke oproerkraaier vakkundig uit de samenleving liet verwijderen, weet hij nu niet zo goed meer.

Het verhoor

Pilatus: “Jezus Barabbas was door de Hoge Raad – het Sanhedrin – aangewezen om kandidaat te zijn voor de jaarlijkse vrijlating. Maar ze hadden zojuist ook nog een andere Jezus bij me gebracht, waarvan de hogepriesters en de oudsten van hun volk wilden, dat ik hem ter dood zou veroordelen.
Wij zijn echter geciviliseerde Romeinen en bij ons krijg je een eerlijk proces. Ik had gelijk al in de gaten dat deze man, die ze een paar dagen geleden nog hadden toegejuicht, anders was dan de mannen die ik elke dag krijg voorgeleid.
Dus ik begon hem te ondervragen. Ben jij echt de koning van de Joden? Wat heb je op de beschuldigingen te zeggen? Dat soort vragen. Maar hij zei niks. Nou ja, hij zei wel wat dingen over een koninkrijk, maar wat hij daarmee precies bedoelde, begreep ik niet. Ook tegen Herodes, naar wie ik hem toestuurde, schijnt hij niks gezegd te hebben.”

Het medelijden

“Toen ik hem van Herodes zag terugkomen, met z’n pronkgewaad, toen wist ik het. Deze man was onschuldig. Ik zag het gewoon. En heel wonderlijk, mijn vrouw liet me weten dat ze over hem gedroomd had.
Ik heb het volk laten kiezen, wie er amnestie zou krijgen: Jezus, zoon van Abbas of Jezus, de zogenaamde koning van de Joden. Maar toen ik dat voorstelde, werden de mensen furieus. Barabbas was hun man, niet Jezus van Nazaret. Wat ik ook probeerde, het volk wilde hém gekruisigd zien. Moest ik dan een opstand riskeren? Ze dreigden me zelfs bij de keizer in discrediet te brengen!”

Het gericht

“Ik probeerde hem nog te redden door hem te laten geselen, maar het mocht niet baten. Zijn lot was onafwendbaar. Ze hebben hem bespuugd en geslagen en naar Golgotha gebracht. Daar is hij gekruisigd, samen met nog twee veroordeelde misdadigers. Nou ja, als dat is wat ze wilden.”
En Pilatus?
“Gelukkig weet iedereen dat ik onschuldig aan zijn dood ben, toch? Ik heb een kan met water laten brengen en mijn handen in onschuld gewassen. Dat heb jij  toch ook gezien? Ik heb part noch deel aan zijn lot. Ik ben onschuldig, dat weet toch iedereen?
En toch, toch laat hij me niet los. Ergens vraag ik me af of ik er wel goed aan heb gedaan om Jezus van Nazaret te offeren. Dit gaat de geschiedenisboeken in, let op mijn woorden.”

Zelf in de Bijbel lezen?

Het verhaal staat drie keer in de Bijbel: In Lucas, in Marcus of in Matteüs.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.